over mij, over werk,

Klein dromen, groot denken

Ik ben geen dromer, geen wenser en al helemaal geen fantast. Naast het feit dat er vaak naast mijn werk te weinig ruimte was om me ook nog eens even in fantasialand te begeven, heb ik ook nog nooit de behoefte gevoeld om me af te zonderen en vrijuit te dromen over iets wat er (nog) niet is. Liever maakte ik het hoofd leeg. Juist geen ruimte voor luchtkastelen, maar alle ruimte voor gezelligheid, stad, léven.

Plannen maken kan ik wel. Toetsen of ze haalbaar zijn en ze vervolgens uitvoeren – zoals gepland. Heus kan ik nog wel eens naar links dan wel naar rechts buigen, maar meestal heb ik van te voren het pad al aardig goed kunnen inschatten en kom ik zonder al te veel af te dwalen op mijn eindbestemming terecht. Dat is tegelijkertijd ook wat ik zo fijn vind. Die plek waar je naartoe loopt, reist, werkt, gaat is bepaald. Wanneer die stip aan de horizon er is, vaar ik wel. Soms is aan het begin een klein duwtje nodig, maar eenmaal op gang ben ik als een stabiele en solide boot op weg naar de reeds zo helder geformuleerde aanlegplaats.

Op het moment is het echter voor mij volslagen onduidelijk waar ik op den duur mijn anker uit zal gooien. Ik ga mijn werkende leven anders inrichten (the how and the why I will share later) en ik weet nog niet precies waar dit naartoe moet gaan. De komende tijd wordt het een kwestie van aanmeren bij een aantal onbekende steigers. Die stip aan de horizon moet nog worden bepaald.

Om daar te komen – niet bij die stip, maar bij het formuleren van die stip (die overigens, mijn eigenwijze zelf kennende, net zo goed een driehoek kan worden) – moet ik leren dromen. Al kan ik beter zeggen: wíl ik leren dromen. Ik heb inmiddels gemerkt dat die ruimte in mijn hoofd zich juist ook prima kan vullen met fantasieën en dromen, zo lang mijn werk maar niet zo veel tijd en energie opslokt dat ik mijn time off alleen maar verstandelijk, praktisch, fysiek actief en in gezelschap wil benutten. En dat gaat het nu niet meer doen. Na gesprekken met coach, psycholoog en vrienden heb ik besloten mijn zoektocht naar een (voor mij) geschikte werkvorm grondig en rigoureus aan te pakken.

Voor mij houdt dat in: uit de huidige comfortabele en tegelijkertijd ongezonde patronen te stappen, minder in kaders te leven (kaderloos gaat wat ver, maar golvende lijnen toch zeker) en ruimte te maken voor dromen. Maar hoe te dromen wanneer je niet weet wat je wenst? Dat vind ik dus gruwelijk moeilijk, maar het komt vanzelf tot je. En terwijl ik dit allemaal de ruimte geef, gaat mijn praktische zelf ook lekker verder met exploreren. Want het ene kan prima naast het ander bestaan. Het houdt elkaar juist in balans hoop ik. Wekelijks zal ik met jullie mijn eigen zoektocht naar een geschikte werkvorm delen. Plus mijn ervaringen van de keuzes as we go. Morgen naar de KvK. Nooit over gedroomd. Maar wel vaak genoeg over nagedacht.